Samen Plagen
Zij zijn samen, maar toch vervelend.
Ik ben bang, want ik ben alleen.
Ik ben bang, want zij zijn samen.
Zij voelen zich groot, want zij zijn samen.
Ik voel me klein, want ik ben alleen.
Zij komen samen om mij te plagen, want ik ben alleen.
Ik durf niks te doen, want zij zijn samen.
Ik durf niks te doen, want ik ben alleen.
Eline Renes, groep 7